Zwaaien en Zwieren afl. 2, gepubliceerd in de Kermiskrant van De Trompetter/Land van Weert september 2013
De maand september houdt in Weert traditioneel twee zaken in: met de fakkelestafette stilstaan bij de bevrijding in 1944 én de kermis. Even is er nog alle reden om te feesten in een nazomerzonnetje voordat we ons opmaken voor de 11e van de 11e en de winter.

In de editie van vorig jaar ging mijn verhaal grotendeels over een aantal aspecten uit het verre verleden. Dit jaar zoomen we met enkele opnamen uit de jaren zestig in op het recentere verleden. Al haast ik me te zeggen dat we die toch alweer een halve eeuw achter ons gelaten hebben.
In de jaren zestig werd de kermis in Weert grotendeels bepaald door de attracties van oudsher, zoals carrousel, schiettent, zweefmolen en touwtje trekken. Ik herinner mij uit die tijd zelfs nog de straatmuzikant Koperen Ko, de Koeëpere Kuuëning; en een attractie waarbij je als kind pony kon rijden in een soort carrousel.
Het is ook de tijd dat de oliebollenkraam en nougatkraam nog niet hoefden te concurreren met de XXL patatkramen, de pizza- en de versfruitkramen.

Ruige attracties met meer mechanisch geweld dienden zich wel al aan: de botsauto's, de Calypso en de Twister, een moderne variatie op de zweefmolen. Voor de echte durfals kwam er de sensatie van een rit in een heuse racewagen, de voorloper van de attractie Rijden, Sportieven van deze tijd.
En de vliegtuigen maakten hun entree. Het was in elk geval voor mij als kind één van die attracties, waarbij je zowaar zelf, binnen de mechanische beperkingen, kon bepalen hoe ver je wilde gaan. Spannend was het. Een ruk aan de stuurknuppel zorgde steevast voor een flinke schok van het vliegtuigje waar je, als je wat timide uitgevallen was, misschien van dacht: 'Gaat dit wel goed komen?'
Maar je kon natuurlijk ook gewoon niets doen om zeker te zijn. En aan het eind gingen de machines vanzelf toch weer naar beneden.
Het zijn de jaren dat Weert nog een bloeiende Biesterkermis kende en de attracties van de stadskermis de open ruimten van Markt, Korenmarkt, Nieuwe Markt en de Dries opeisten.
Daar zou in de loop van dat decennium dankzij de stedenbouwkundige sloopwerkzaamheden op de Hoge Kei nog een prachtige kermisplek bij komen waar ik als tiener van mocht profiteren. Uiteindelijk is daar na allerlei bouwactiviteiten de locatie bij het huidige politiebureau (ook nu genaamd de Hoge Kei) weer van overgebleven.

Maar zo ver was het op deze foto's, genomen begin jaren zestig, nog niet. Wel was er op de Nieuwe Markt wat meer plek dan nu omdat het flatgebouw naast Bon Appetit (de eerste Weerter Automatiekhal) en de bazaar van Paquay er nog niet stond. Dat zou pas in 1969 gebeuren en zo werd de EDAH op de Nieuwe Markt een feit.
Door het ontbreken van dit gebouw wordt ons een blik vergund op de achtergevels van de panden aan de Markt en de Langstraat. Daarboven torent de spits van de Martinuskerk. Links zien we het stadhuis met daaraan vast nog een pand. Dat werd in 1968 gesloopt om de doorgang van Markt naar de Nieuwe Markt te realiseren. De loop van het ene naar het andere kermisterrein zou er niet alleen gemakkelijker maar ook interessanter door worden.

De herkomst van de plaatjes is een bijzondere. Zij maken namelijk deel uit van de omvangrijke foto-erfenis van het Bisschoppelijk College die nu in het Gemeentearchief ligt opgeslagen.
Verantwoordelijk daarvoor zijn enkele priesterdocenten van de school, die de vele activiteiten van de leerlingen op de gevoelige plaat vastlegden.
Daar hoorde zo nu en dan ook een bezoekje bij aan de kermis. Die lag wat betreft de locatie Nieuwe Markt tenslotte pal naast de schoolgebouwen. Menig leerling zal tijdens de les bij het bekijken van de kermisattracties zich in gedachten al rondjes hebben zien draaien in de vliegmachines.
En dat alles voor 25 cent per persoon.
Andere afleveringen vindt u op de pagina Zwaaien en Zwieren