Wanneer er in Weert voor het eerst sprake is van Vastelaovundj, voor sommigen onder u wellicht beter bekend als carnaval, is niet geheel duidelijk.
In het Gemeentearchief Weert bevindt zich een ordonnantie (voorschrift) uit 1661 waar de inwoners van Weert zich aan moeten houden.

Wordt by Scholtis ende Schepenen
well expresselijck belast ende verboden
dat nijemant hem en sal gelusten
in mascrade te gaen op pene van
eenen golt gulden.
Noch dat ijmant inden avont ofte
nacht eenich straetgerucht en
sal maecken, t’ sij met schreuwen,
roepen ofte andersints op dergelijcke
pene. Actum, den 5. Febr[uarii] 1661
Ter ordonantie van de selve
in absentie vande secretaris
onderteeckent.
A. Bormans
De scholtis en Schepenen verbieden iedereen om deel te nemen aan de maskerade op boete (pene) van een gouden gulden. Op gelijke straffe is het tevens verboden om in de avond en nacht onrust te veroorzaken op straat. Zo mag er niet worden geschreeuwd, geroepen of op een andere wijze onrust worden veroorzaakt.
De akte is opgesteld op 5 februari 1661 en ter ordinantie en vervanging van de secretaris ondertekend door de heer A. Bormans.
Door het verbod probeert de magistraat van Weert ongeregeldheden te voorkomen in het kader van handhaving openbare zedelijkheid. Dit blijkt met name uit de hoogte van de boete, want een 'goud gulden' was een geldstuk dat de meeste mensen slechts zelden in handen kregen. Of er ook een boete is opgelegd of zelfs geïnd, is niet bekend.
Normaal zou de schout een ordonnantie ondertekenen. Mogelijk is hij afwezig en wordt de ordonnantie ondertekend door A. Bormans. Andreas Bormans is van 1652 tot 1676 schepen van Weert, van beroep is hij licentiaat in de medicijnen, zeg maar geneesheer.